zaterdag 18 mei 2013

Praktische Geesteswetenschappen?


Lange tijd was het volstrekt normaal om te beweren dat de geesteswetenschappen geen nut hadden en dat zelfs niet nodig hadden. Je kon er mee wegkomen door de intrinsieke waarde van de humanities te benadrukken. Nu ben ik het met dat laatste grondig eens, maar deze intrinsieke waarde geldt ook voor alle andere wetenschappen. Daarnaast hebben wetenschappen ook een maatschappelijke waarde. Zelf heb ik de onverwachte toepassingen van geesteswetenschappelijke inzichten altijd bijzonder interessant gevonden, en het verbaasde me dan ook dat deze niet aan de grote klok werden gehangen. Dit gemis was een van de redenen voor het schrijven van De Vergeten Wetenschappen. Ondertussen zijn de "Praktische geesteswetenschappen" algemeen bespreekbaar geworden, zelfs in een van de meest filosofisch-theologische bolwerken van de humanities aan de Universiteit van Tilburg, zoals te lezen is in een special issue van Dante Magazine dat als volgt opent:

"Gaat het slecht of goed met de geesteswetenschappen? Worden ze wegbezuinigd omdat zij geen direct meetbaar economisch nut hebben (denk aan de desastreuze opheffing van verschillende opleidingen vreemde talen die op dit moment aan diverse universiteiten plaatsvindt), of moet juist de kritiek op het ‘nutsdenken’ een speerpunt zijn? (zie Amerikanen als Martha C. Nussbaum, George Steiner of Harold Bloom die het ‘nutteloze’ humanistische Bildungsideaal hoog in het vaandel hebben). Of willen we met Rens Bod (hoogleraar Computational and Digital Humanities aan de UvA) laten zien hoe geesteswetenschappen en bedrijfsleven met elkaar kunnen samenwerken, en gaan we ervan uit dat brede interdisciplinaire onderzoeksprojecten wel degelijk economisch en maatschappelijk nut hebben? In dit Dante Magazine opteren we voor het laatste."

Ik was verrast. Maar zoals geesteswetenschappers betaamt, is de discussie meer genuanceerd dan hier wordt gesteld. Lees verder in de special issue over Praktische Humanities in Dante Magazine.

zondag 5 mei 2013

KNAW Eist Visie op de Geesteswetenschappen

Het lijkt alsof alleen de KNAW (Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen) nog iets doet om de kaalslag in de geesteswetenschappen (i.h.b. de talenstudies) een halt toe te roepen. Hoewel niet altijd alle studies overal kunnen worden behouden, is het meer dan redelijk een visie te eisen op de geesteswetenschappen. Enkele bemoedigende uitspraken van de KNAW:

“Het zou slecht zijn om alleen op basis van studentenaantallen over wetenschappelijke disciplines te zeggen: dat doen we niet meer. Misschien moet je dan de studie anders inrichten of breder. Maar er is geen landelijk overleg, waar deze gesprekken gevoerd worden en dan kan het zo maar zijn dat het weg is. En dan is het moeilijk om het terug te krijgen.”

“Neem Portugees, daar zijn dan misschien niet zoveel studenten op af gekomen de laatste jaren. Maar je kunt ook als overweging laten gelden dat we het hier wel hebben over de zevende taal ter wereld. Een taal die bijvoorbeeld ook in landen als Brazilië en Angola gesproken wordt, landen waar we bovendien ook handelsrelaties mee hebben en een gemeenschappelijke geschiedenis.”

Dit is me uit het hart gegrepen. Nederland is groot genoeg om alle (geestes)wetenschappen te behouden, en deze zelfs uit te breiden. Maar dan moet er wel worden samengewerkt. Niet elke geesteswetenschap hoeft aan elke Nederlandse universiteit te worden bestudeerd. Solistisch optreden is echter kortzichtig, maar dat is helaas wat er tot nu toe gebeurt.

Lees hier verder over de reactie van de KNAW en de alfa-dekanen op ScienceGuide.nl.

zaterdag 20 april 2013

"De Ongekende Invloed van de Klassieke Filologie" is online


De electronische presentatie van mijn lezing "De Ongekende Invloed van de Klassieke Filologie" is nu online, en is hier down te loaden.

Ik heb deze lezing uitgesproken tijdens de inspirerende discussiemiddag "Het Nut van de Klassieken" op 11 april in Leiden.

vrijdag 12 april 2013

Reflecties op Humanities 3.0

In mijn oratie "Het Einde van de Geesteswetenschappen 1.0" van verleden jaar kondigde ik de geboorte van de geesteswetenschap 3.0 aan die het digitale patroonzoeken (geesteswetenschap 2.0) en het kritisch interpreteren (geesteswetenschap 1.0) zou integreren. Ondertussen zijn meerderen hiermee aan de slag gegaan. Maar mijn oratie heeft ook de nodige kritiek opgeleverd.

Een recent voorbeeld is het artikel "Interpretatie en/of Patroon" van Marieke Winkler in het letterkundig tijdschrift Vooys. Het is een mooi artikel, al heeft de schrijfster mijns inziens het vernieuwende van de digitale aanpak nogal onderschat. Dankzij het patroonzoeken en de digitale analyse van enorme hoeveelheden "big data" (bv. miljoenen boeken, kunstwerken of muziekstukken) worden vragen opgeroepen die zonder de computer niet eens gesteld hadden kunnen worden, laat staan beantwoord.

Wat betekent het bijvoorbeeld als we menselijke oordelen over literaire kwaliteit met de computer kunnen modelleren? En wat betekent het als we universele patronen in muziek hebben gevonden? Deze "big patterns" hebben we ondertussen weliswaar gedetecteerd, maar inzicht in de betekenis van dit soort patronen wordt nog node gemist. Hier is sprake van een onontgonnen terrein dat, in weerwil van wat Marieke Winkler stelt, in niets lijkt op het vakgebied der letterkundige neerlandistiek van een eeuw geleden.

Bovendien komt het patroonzoeken niet uit de natuurwetenschappen, zoals de schrijfster impliceert. Zoals ik in mijn boek laat zien, is de patroonzoekende methode ontstaan in de humaniora van de 14e en 15e  eeuw (Petrarca, Valla, Poliziano, Erasmus, Scaliger en vele anderen). De opkomende natuurwetenschappen hebben in de late 16e eeuw deze methode overgenomen, soms zelfs letterlijk (zoals van vader Vincenzo Galilei op zoon Galileo Galilei).

Het patroonzoeken is nooit meer uit de humaniora verdwenen. Alleen het massale patroonzoeken met digitale middelen is nieuw. Maar zelfs de digitale aanpak aan de hand van computertechnologie is niet inherent "natuurwetenschappelijk". Zo is het de formele taalkunde geweest die de eerste hogere progammeertalen, en daarmee de informatietechnologie mogelijk heeft gemaakt.

Lees mijn oratie hier en het artikel van Marieke Winkler hier, en oordeel zelf.

woensdag 10 april 2013

De Ongekende Invloed van de Klassieke Filologie


Op 11 april a.s. geef ik de volgende lezing op de debatmiddag over "Het Nut van de Klassieken" in Leiden:

"In de geschiedenis der wetenschap is er nauwelijks een discipline geweest met een grotere culturele en maatschappelijke invloed dan de klassieke filologie. Het was dankzij klassiek-filologische tekstkritiek dat Lorenzo Valla in staat was het document 'Donatio Constantini' te ontmaskeren waarmee de pauselijke claim op wereldlijke macht werd weerlegd. Het waren klassiek-filologische studies van Joseph Scaliger waarmee de vroege Verlichting werd ingeluid, en het waren de klassiek-filologische tekstreconstructiemethoden die met doorslaand succes werden toegepast in de evolutiebiologie en genetica.

Niettemin vragen velen zich heden ten dage af wat het nut der klassieken is. Ik zal in mijn lezing ingaan op de vraag waardoor de klassieke filologie in de verdrukking is gekomen, en waarom haar bestaansrecht steeds opnieuw moet worden gerechtvaardigd. Ook zal ik betogen dat het 'nut' van de studie der klassieken (alsook van de geesteswetenschappen in het algemeen) niet alleen bestaat uit cultuurontsluiting en cultuuroverdracht maar tevens uit de vele onverwachte en ongeplande toepassingen van (filologische) methoden. Classici doen er goed aan kennis van deze toepassingen paraat te hebben."

donderdag 4 april 2013

NRC Food for Thought lezing: "Nederland heeft meer ondernemende alfa's nodig!"

Op 3 april jl. mocht ik de spits afbijten met de eerste NRC Food for Thought lezing "Nederland heeft meer ondernemende alfa's nodig!".

De slides van deze lezing zijn nu online, en hier down te loaden als pdf file. Enjoy!

dinsdag 2 april 2013

Waarom is een digitale grachtengordel van de Gouden Eeuw zo fascinerend?


Een van de projecten van het Center for Digital Humanities beoogt het digitaal in kaart brengen van de zeventiende eeuwse Amsterdamse grachtengordel. Dit is een project dat wordt uitgevoerd door kunsthistorici van de UvA en het bedrijf Webmapper. Hierbij wordt geografische informatiesoftware kortgesloten met historische kaarten van Amsterdam. Op dit moment kan al rechtstreeks worden gezocht op straat- en grachtennamen in zeventiende-eeuwse kaarten, zoals Cingel of Beschuytmarkt. Ook herkent de software de moderne schrijfwijze "Singel" en vraagt netjes naar de tijdspanne waarin men deze gracht wil zien.

Wist u dat er maar liefst twee Beschuytmarkten zijn geweest in Amsterdam? Ontdek het zelf op http://www.digitalegrachtengordel.nl/ .

Een van de vervolgstappen van dit project is het inbrengen van woonplaatsen van schilders, uitgevers en andere 'kenniswerkers' uit de  Gouden Eeuw. Op deze manier wordt de kennisstructuur van de stad blootgelegd.

Recentelijk heb ik in het Parool over dit project geschreven.

zaterdag 9 maart 2013

Ondernemende alfa's brengen stad tot bloei


[Onderstaande is een samenvatting van mijn Amsterdamlezing van 4 maart jl. en is verschenen in het Parool van 9 maart 2013.]

"Het is een veel gehoorde klacht dat Nederland te weinig bèta’s heeft. Dit geldt inderdaad voor regio’s als Eindhoven en Delft. Maar niet voor Amsterdam, een stad die juist bloeit en groeit dankzij ondernemende alfa’s. De innovatiefste industrie in de hoofdstad is de creatieve industrie en deze wordt gedomineerd door alfa’s. Opzienbarend, omdat de alfawetenschappen niet bepaald als economisch nuttig worden gezien.

Maar waar alles in flux is, zijn ook de geesteswetenschappen aan het veranderen. Er vindt een ware digitale omwenteling plaats, waarbij de alfa's samen met de creatieve industrie digitale producten ontwikkelen die voortkomen uit alfawetenschappelijk onderzoek.

Deze omwenteling is pas een paar jaar geleden in gang gezet dankzij zaaigeld van de UvA-Faculteit Geesteswetenschappen. Ondertussen zijn grote en kleine Amsterdamse bedrijven hierop ingesprongen, van Elsevier tot Vicarvision, alsook de KNAW en de VU. Vanuit ICT-perspectief wordt al gesproken over de humanities als 'The Next Big Thing'.

Het materiaal waar alfawetenschappers mee werken is dan ook van een ongekende rijkdom en complexiteit: schilderijen, manuscripten, films, historische bronnen en muziekopnamen. Denk aan de gelaagdheid van verfstreken of aan oude handschriften. Hoe ontwerp je een digitale aanpak die met zulke gegevens kan omgaan? Als je dat hebt opgelost, kun je de wereld aan.

De combinatie van alfa en ict heeft zelfs geleid tot een nieuw vakgebied: Digital Humanities (ook wel eHumanities). Dit kreeg in Amsterdam zijn beslag in het Center for Digital Humanities: dertien projecten met investeringen van even zoveel private partners. Wie had ooit gedacht dat traditionele geesteswetenschappers zouden samenwerken met commerciële partners voor het bestuderen van literatuur, muziek, film, kunst en geschiedenis?

Het project De Digitale Grachtengordel, bijvoorbeeld, onderzoekt welk schilderij waar hing in de Gouden Eeuw, en wie woonde waar? Dit sluit aan bij jarenlang kunsthistorisch onderzoek dat resulteerde in de Ecartico database. Met het bedrijf Webmapper wordt deze database nu geïntegreerd met geografische informatiesoftware tot een app voor toeristen: al wandelend door de stad zien zij waar de Nachtwacht oorspronkelijk hing. Ook horen ze waar schilders, schrijvers en uitgevers woonden. Die informatie is echter ook interessant voor onderzoekers en beleidsmakers. De hele creatieve industrie van de Gouden Eeuw kan er mee worden blootgelegd. En vervolgens die van latere eeuwen, en zelfs die van vandaag: waar bevinden zich in Amsterdam de creatieve kenniswerkers, wat is hun netwerk, wat maakt een stad tot een economisch succes?

Het project Muzikale Similariteit zoekt uit hoe we een muziekstuk kunnen vinden dat lijkt op een ander muziekstuk. Dit is een oud probleem, dat nooit bevredigend is opgelost. Bestaande oplossingen maken nauwelijks gebruik van muzikale kennis over metrum, harmonie, timbre en instrumentatie. We maken nu met het bedrijf ElephantCandy een muzikale app voor jogging, ballroom dance en dj, waarin juist wel kennis van muziektheorie is verwerkt.

Andere projecten willen emoties detecteren in films, gaan vragen stellen aan de gedigitaliseerde parlementsverslagen van de afgelopen twee eeuwen, of analyseren automatisch tweets op basis van sociaal gedrag. De resultaten blijken opnieuw interessant voor zowel de industrie als voor alfa-onderzoek. Hier geldt een meerwaarde door het bijeenbrengen van ‘great minds’ uit de universiteit en het bedrijfsleven.

Niet verrassend dat dit allemaal juist in Amsterdam gebeurt: de stad bevat de grootste concentratie creatieve industrie in Nederland. Wel opmerkelijk is, dat vooral alfa’s hierin een rol spelen. Het creatieve gebruik van software is niet meer het exclusieve domein van de bèta’s. Sterker: het is vaak de alfa die de complexiteit van schilderijen, muziek, manuscripten en historische bronnen beter op waarde kan schatten en kan omzetten naar een concrete toepassing.

We moeten af van het idee dat alleen bèta’s innoveren. Deze stad heeft niet zozeer meer bèta’s nodig, maar méér creatieve alfa’s. Het zaaigeld van UvA, VU en KNAW biedt een enorme impuls voor de Amsterdamse eHumanities en de creatieve industrie. De gemeente kan deze ontwikkeling stimuleren. De toekomst van Amsterdam als kennisstad ligt in handen van ondernemende alfa’s."

Ziehier voor meer informatie over het Center for Digital Humanities

donderdag 7 maart 2013

Hoe kunnen we de geesteswetenschappen evalueren?

Bibliometrische analyses worden in alle wetenschappen gebruikt voor het bepalen van "onderzoekskwaliteit". Hoewel deze methode overal controversieel is, wordt een bibliometrische analyse in de geesteswetenschappen met bijzonder gemengde gevoelens ontvangen. Geesteswetenschappers publiceren immers voor een groot deel in boeken, terwijl bibliometrische analyses zich richten op tijdschriften (die electronisch toegankelijk zijn). Er is een jarenlange strijd voor gevoerd, maar sinds kort wordt ook de geesteswetenschappelijke publicatiecultuur serieus genomen in de bibliometriek.

Over de publicatiecultuur in de humaniora is een special issue verschenen van Research Trends (maart 2013) dat hier is down te loaden.

Verplichte kost voor alle geesteswetenschappers!

dinsdag 26 februari 2013

Homepage van de Engelse vertaling is nu "up and running"


De Engelse, uitgebreide vertaling van De Vergeten Wetenschappen heeft sinds kort een eigen homepage. Ook kan het boek al worden besteld bij Oxford University Press (al is men wel erg onduidelijk over de precieze verschijningsdatum).

donderdag 21 februari 2013

My talk "How Hierarchical is Language?" at Max Planck is online



The debate whether language is hierarchical or sequential is as old as Panini's work (500 BC). Even in today's linguistics the problem has not been settled. Or has it? Recently the debate has flared up again with new empirical evidence. See the slides of my talk on this heated discussion.

woensdag 20 februari 2013

English translation of "De Vergeten Wetenschappen" is in press



The English translation of De Vergeten Wetenschappen is now in press with Oxford University Press, and is mentioned in their catalogue as follows:

"Many histories of science have been written, but A New History of the Humanities offers the first overarching history of the humanities from Antiquity to the present. There are already historical studies of musicology, logic, art history, linguistics, and historiography, but this volume gathers these, and many other humanities disciplines, into a single coherent account.

Its central theme is the way in which scholars throughout the ages and in virtually all civilizations have sought to identify patterns in texts, art, music, languages, literature, and the past. What rules can we apply if we wish to determine whether a tale about the past is trustworthy? By what criteria are we to distinguish consonant from dissonant musical intervals? What rules jointly describe all possible grammatical sentences in a language? How can modern digital methods enhance pattern-seeking in the humanities? Rens Bod contends that the hallowed opposition between the sciences (mathematical, experimental, dominated by universal laws) and the humanities (allegedly concerned with unique events and hermeneutic methods) is a mistake born of a myopic failure to appreciate the pattern-seeking that lies at the heart of this inquiry. A New History of the Humanities amounts to a persuasive plea to give Panini, Valla, Bopp, and countless other often overlooked intellectual giants their rightful place next to the likes of Galileo, Newton, and Einstein."

Click here for more information on A New History of the Humanities at Oxford.

vrijdag 8 februari 2013

Geesteswetenschappen niet (langer) vergeten op kennislink.nl

De wetenschapsite Kennislink.nl is de geesteswetenschappen niet (langer) vergeten. Sinds 8 februari is er een aparte pagina voor deze tak van wetenschappen:

"De vakgebieden die je tegenkomt op de Kennislink-pagina Geschiedenis, Taal & Cultuur vallen allemaal onder de geesteswetenschappen. Maar wat zijn geesteswetenschappen eigenlijk? Hoe zijn ze ontstaan en hebben ze een specifieke methode die ze onderscheidt van de andere wetenschappen?"

Lees hier verder!

dinsdag 29 januari 2013

Stop de ondergang van de talenopleidingen: Een universitaire taal- en cultuurstudie is geen taalcursus

NRC Handelsblad plaatste op 29/1/2013 een opinieartikel met de volgende tekst:

Vandaag bieden Groningse hoogleraren en studenten de Tweede Kamer een petitie aan die meer dan zesduizend keer ondertekend is. De petitie pleit voor het behoud van het onderwijs en onderzoek in het Noors, Fins, Hongaars en Deens aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Afgelopen week stond er een kort bericht in deze krant: de politie gaat op reis naar Roemenië, omdat de Nederlandse rechercheurs niet bekend zijn met de Roemeense methoden en cultuur. Zulke berichten zullen we steeds vaker te zien krijgen, bijvoorbeeld over Finland, Portugal of Hongarije. Vanaf volgend jaar is het namelijk niet meer mogelijk om deze studies aan een Nederlandse universiteit te studeren. Veel andere kleine studies staan tevens onder druk en worden samengevoegd of gemarginaliseerd. Het zijn echter niet alleen de opleidingen die verdwijnen, maar ook de onderzoekers die gespecialiseerd zijn in de traditie, cultuur en geschiedenis van deze landen. Zo wordt Nederland waardevolle kennis over andere culturen ontnomen, terwijl de wereld globaliseert en Europa steeds verder integreert.

Deze problematiek is niet alleen nu aan de orde. Zo luidde Frits Staal al in 1990 de noodklok ten aanzien van talenstudies. Ook sloten de faculteiten geesteswetenschappen en letteren convenanten af over de unica: kleine studierichtingen die aan meerdere faculteiten werden gegeven zouden worden uitgeruild. Fries, Hongaars en Fins zouden in Groningen aangeboden blijven, Nieuwgrieks en Roemeens in Amsterdam en Portugees en Keltisch in Utrecht.

Tien jaar na het laatste convenant der letteren is onduidelijk hoe de faculteiten geesteswetenschappen invulling geven aan hun gezamenlijke maatschappelijke verantwoordelijkheid voor een brede bestudering van talen en culturen. Duidelijkheid en toewijding zijn echter geboden, want deze taal- en cultuurstudies zijn hard nodig. Alle wetenschap is immers met elkaar verbonden. Hiertoe is begrip noodzakelijk van zo veel mogelijk culturen, zo veel mogelijk talen.

Ook voor de kennis over andere politieke systemen, economieën en cultuurfenomenen is kennis van taal en cultuur van onschatbare waarde. Nederland heeft die kennis nodig om niet achter te raken in het internationale bedrijfsleven, om de multiculturele samenleving beter te begrijpen en om alle vormen van kunst en media uit de hele wereld voor iedereen bereikbaar te maken. Een universitaire taal- en cultuurstudie is iets anders dan een taalcursus. Er valt meer te leren dan de taal zelf. Te veel universiteiten proberen deze vierjarige opleidingen te vervangen met een minor van een half jaar. Het onderzoeksveld dat de opleiding waardevol maakt, verdwijnt hiermee.

Convenanten en afspraken moeten worden nageleefd, opdat de kleine opleidingen niet langer het kind van de rekening zijn. De overheid heeft hier een belangrijke rol in. Er moet meer landelijk overleg komen over het opleidingsaanbod, zowel tussen universiteiten en overheid als tussen decanen en de opleidingen zelf. Samen dienen we de verantwoordelijkheid te nemen om tot een oplossing te komen.

De studenten en hoogleraren nemen het voortouw. Politiek, volgt u?

prof.dr. Rens Bod
prof.dr. Muriel Norde
prof.dr. Holger Gzella
prof.dr. Arjen Versloot
prof.dr. Ieme van der Poel
prof.dr. Ellen Rutten
prof.dr. Cornelius Hasselblatt
Esther Crabbendam
Jaap Oosterwijk
Lizzy Entjes

Voor meer informatie, zie het Platform Talenstudies.

maandag 28 januari 2013

Dreadful Day for the History of the Humanities: Ancient Timbuktu Manuscripts on Fire

This is what happened today with the world-famous Timbuktu manuscripts, as reported in the Guardian:

"Islamist insurgents retreating from the ancient Saharan city of Timbuktu have set fire to a library containing thousands of priceless ancient manuscripts, some dating back to the 13th century, in what the town's mayor described as a "devastating blow" to world heritage."

In 2009, I have investigated a very tiny part of the Timbuktu manuscripts, of which not even 1% has been digitized, and wrote about it in my book "A New History of the Humanities" (Oxford Univ. Press, 2013, in press, originally published in Dutch as "De Vergeten Wetenschappen", 2010). There is still so much to learn about the immensely rich culture of the Songhai empire, and it now seems all gone forever.

Here is a small excerpt on what I wrote about the Timbuktu manuscripts in my book:

"Over the last fifty years a huge wealth of manuscripts from the Niger Valley has surfaced. They were written in Arabic but also in Tuareg (Tamasheq), Songhai and Fulani. The manuscripts cover a large number of subjects, from musicology to history, and from astronomy to mathematics. Especially the historical chronicles are of immense value. The two greatest chronicles are the Tarikh al-fattash from Djenné, containing a history of the Songhai Empire, and its continuation, the Tarikh al-Sudan from Timbuktu. Djenné and Timbuktu were among the major intellectual centres in Africa. Djenné was well known because of its architectural opulence (including its world famous mud brick mosque) while Timbuktu had the biggest mosque schools and libraries south of the Sahara. In 1550 in the Descrittione dell’Africa the Moroccan-Andalusian traveller and merchant Leo Africanus recounted about the fabulous wealth of Timbuktu. The city maintained contacts with book markets in Morocco and Spain, and the work of Ibn Khaldun as well as many other writings were in stock.
The chronicle Tarikh al-fattash was written by three generations of the Kati family, whose family library was recently rediscovered. Mahmud Kati started the chronicle in around 1519 and it was completed by his grandson in 1591. It gave a summary history of the Songhai Empire up to the Moroccan conquest in 1591. Like the work of Polybius, the contemporaneous part of the chronicle is based on the personal experience principle, whereas the descriptions of earlier historical periods are based on centuries-old oral transmission which, as was normal in this region, was kept alive by the family itself. The Tarikh al-Sudan by Abderrahman al-Sadi in Timbuktu, also covered the later history of the Songhai Empire up to 1655 in a similar fashion.
This form of writing chronicles, based on a combination of personal experience and oral transmission, spread from Djenné and Timbuktu to the south and west. And there, during the course of the eighteenth century, the long-existing orally transmitted lists of kings, biographies, tribal genealogies and local chronicles were written down in Arabic or one of the local languages. For instance the Kitab al-Ghunja, a chronicle of the Kingdom of Gonja in the northern Gold Coast (present-day Ghana), was one of the most compelling examples of this tradition.
[...]
The chronicles discussed above are only the tip of the iceberg. Many manuscripts from Senegal, Ghana, Nigeria, Cameroon and other regions have not yet been inventoried. The number of manuscripts, generally kept by families, in the area around Timbuktu alone is estimated at 700,000. A few thousand documents have been catalogued by the Ahmed Baba Institute but they are currently under threat. The vast majority of manuscripts are still waiting to be accessed, and the most urgent matter is to rescue and conserve the ones already known to exist. Slowly but surely it is becoming clear that African written culture has been underestimated for centuries. One reason for this, and not the least important, can be ascribed to European colonial prejudices."

UPDATE 28/1/2013: Read here about the fate of the Ahmed Baba Institute.

And read here about the secret race to save Timbuktu's manuscripts.

Sure enough, it's absolutely unacceptable what the Islamist insurgents have done, but it's also unacceptable that (apart from South Africa and a couple of other countries) virtually no country has done anything so save these precious manuscripts that have been under threat for more than half a century! It's a real scandal...

Some might say there is too much of value to protect in this world. But there are only a few dozens of places on earth that deserve the highest protection by all nations. I believe Timbuktu is among those places.

vrijdag 25 januari 2013

Rendement geesteswetenschappen hoogste van alle wetenschappen

Wat ik al enige tijd loop te verkondigen is nu precies nagerekend: de geesteswetenschappen zijn booming, doen het beter dan alle andere wetenschappen, en leveren cijfermatig zelfs het beste rendement op. Dit cijferspel is natuurlijk een karikatuur van waar het in de wetenschap echt om gaat. Maar soms is het goed om het spel even mee te spelen. En met wat voor een resultaat!

Lees hier het artikel Wetenschap van Woekerwinsten.

woensdag 23 januari 2013

The Dark Side of Digital Humanities

De Digital Humanities worden niet door iedereen even warm onthaald. De Huffington Post publiceerde een informatief artikel over de digital turn, inclusief een korte geschiedenis van het vakgebied.
Het artikel bevat ook nuttige links naar ondermeer de sessie op de MLA (Modern Language Association) over The Dark Side of Digital Humanities die veel stof heeft doen opwaaien.

UPDATE 23/1/13: het blog-artikel in Huffington Post is alweer verwijderd. Maar hier is een even informatief artikel in The Chronicle. En hier is de link naar The Dark Side of Digital Humanities.

vrijdag 18 januari 2013

Een Amsterdamse Silicon Valley op het gebied van de Humanities?

Op 4 maart 2013 verzorg ik één van de Amsterdamlezingen. Onderwerp: de creatieve industrie, de stad en de waarde van de humanities. Amsterdam is een stad die vooral bloeit en groeit dankzij de creatieve industrie en dan vooral dankzij ondernemende alfawetenschappers! De organisator van de Amsterdamlezingen, Zef Hemel (hoogleraar Grootstedelijke Vraagstukken), spreekt zelfs van een Amsterdamse Silicon Valley op het gebied van de humanities en de creatieve industrie.

Klik hier voor meer informatie over de Amsterdamlezing van 4 maart.

maandag 14 januari 2013

Geesteswetenschappers en de arbeidsmarkt in De Groene Amsterdammer

Hoe staat het met het toekomstperpectief van geesteswetenschappers op de arbeidsmarkt? Dit interessante artikel in De Groene Amsterdammer bevat helaas een enigszins pijnlijke fout: "een studie die valt onder de geesteswetenschappen (studies van het type Gedrag en Maatschappij, Taal en Cultuur)." De studies van het type Gedrag en Maatschappij vallen niet onder de geesteswetenschappen maar onder de sociale of gedragswetenschappen. Ik kan me voorstellen dat veel communicatiewetenschappers moeilijk aan een baan komen in het huidige tijdsgewricht, maar hoe zit het met bijvoorbeeld de classici waaraan op dit moment een tekort is op middelbare scholen? Het artikel bevat evenmin percentages per wetenschapsdomein. Een gemiste kans voor een zo belangrijk onderwerp.

UPDATE 14/1/13: Na een bericht mijnerzijds aan De Groene is bovenstaande fout hersteld. Er staat nu "een studie die valt onder de maatschappij- en geesteswetenschappen (studies van het type Gedrag en Maatschappij, Taal en Cultuur)". Maar klopt het artikel nog wel? Het zou nuttig zijn geweest een uitsplitsing per vakgebied te zien.

donderdag 10 januari 2013

Verslag van de conferentie "The Making of the Humanities III", Rome

Een paar maanden geleden vond de derde internationale conferentie over de geschiedenis van de geesteswetenschappen plaats in Rome: "The Making of the Humanities III". Deze conferentieserie heeft ondertussen geleid tot een grote en groeiende gemeenschap van geesteswetenschappers van alle pluimage die zijn geinteresseerd in de vergelijkende geschiedenis van de humaniora. Een van de conferentiedeelnemers, Laura Meneghello, schreef dit informatieve verslag.

zondag 6 januari 2013

Goed nieuws over de geesteswetenschappen

Er is ook goed nieuws over de geesteswetenschappen, zoals het grote Europese onderzoeksprogramma Horizon 2020 (met dank aan Floris Solleveld voor het doorsturen van de link) -- hoewel de sociale en geesteswetenschappen wel erg gemakkelijk op één hoop worden gegooid.

woensdag 2 januari 2013

2013: Het Einde van Vier Geesteswetenschappen

Een gelukkig 2013! Helaas geldt dit niet voor vier unieke alfastudies die dit jaar zullen verdwijnen uit Nederland. Moedeloos word ik er soms van dat er geen enkel overleg lijkt te bestaan over het behouden van studierichtingen in Nederland. Dit kan veel beter! Lees bijvoorbeeld het artikel “Meer overleg nodig over schrappen van studies” dat vandaag, 2 januari 2013, is verschenen in het Nederlands Dagblad. Dit artikel staat op een betaalsite, maar hieronder volgen de passages uit mijn mond:

"Rens Bod, hoogleraar computationele en digitale geesteswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en auteur van “De Vergeten Wetenschappen”, vraagt zich af of de geesteswetenschappen echt geen andere keuze hebben dan kleine studies op te heffen. ‘Het heeft te maken met wat je belangrijk vindt. Stel dat binnen de geneeskunde niemand meer oncologie wil studeren. Vanwege het belang heft niemand zo’n studierichting op. Binnen geneeskunde geldt een lotingssysteem. Zo wordt voorkomen dat bijvoorbeeld heel veel vrouwen kindergeneeskunde als specialisme kiezen.’ Bod zou zich zoiets ook in de geesteswetenschappen kunnen voorstellen. ‘Als je de instroom in verwante studies reguleert, kun je misschien voorkomen dat kwetsbare studies moeten verdwijnen.’ Bod wijst op het economisch nut van bijvoorbeeld Scandinavische talen en Portugees. ‘Finland is een belangrijke handelspartner van Nederland en dat geldt ook voor Brazilië. Je kunt dit soort talen daarom niet zomaar opheffen. En dan is er ook nog de waarde van een expertise. Barlaeus zei in de zeventiende eeuw al: “Geld is belangrijk, maar wetenschap is belangrijker.” Dat geldt wat mij betreft nog steeds.’
[...]
Bod is het met Van Oostrom eens dat universiteiten ‘vooral hun eigen zaakje in stand houden’. Hij doet een radicaler voorstel. ‘Het is misschien vloeken in de kerk, maar je zou eens naar Californië moeten kijken. Daar is één University of California met verschillende campussen. Nederland is groot genoeg om alle huidige studierichtingen ergens in stand te houden, waarbij er ook nog ruimte is voor vernieuwing. Ik vind het niet zo’n gekke gedachte de zeven klassieke universiteiten samen te voegen tot één University of the Netherlands, met zeven campussen. Vervolgens zou echt afstemming kunnen plaatsvinden over waar welke studie wordt aangeboden.’"

maandag 17 december 2012

Verkorte versie van mijn oratie in NRC Handelsblad

NRC Handelsblad publiceerde op 15 december een sterk verkorte versie van mijn rede "Het Einde van de Geestes-wetenschappen 1.0". Klik hier voor het NRC-artikel.

Mijn volledige oratie is hier te lezen!

vrijdag 14 december 2012

Oratie "Het Einde van de Geesteswetenschappen 1.0" is online

Dank allen voor de hartverwarmende grote opkomst bij mijn inaugurele rede ter ere van mijn dubbelbenoeming.

Voor degenen die mijn rede willen nalezen: volg de link hier!

vrijdag 7 december 2012

Het Einde van de Geesteswetenschappen 1.0

Vanwege mijn dubbelbenoeming aan de UvA geef ik een openbare rede (oratie) op 14 december om 16.00 uur in de Aula van de UvA (Singel 411). Mijn rede is getiteld:

Het Einde van de Geesteswetenschappen 1.0

Nut en valorisatie zijn de buzzwoorden in het hedendaagse tijdsgewricht. Er wordt echter vaak vergeten dat de eerste twee hoogleraren van de Universiteit van Amsterdam, Vossius en Barlaeus, met hun inaugurele redes Over het nut van de geschiedenis en De wijze koopman al in de 17e eeuw over nut en valorisatie hebben nagedacht. Vossius en Barlaeus wisten precies wat hun kennis en inzichten voor de stad en de handel konden betekenen, en hun colleges werden bezocht door bestuurders en koopmannen. De status van de humaniora was ongekend. Heden ten dage lijkt deze status diametraal gekeerd. Alfadisciplines wordt meer dan eens een gebrek aan nut verweten, en de handel en het bedrijfsleven lijken zich volkomen te hebben vervreemd van de humaniora. Daarnaast benadrukt menig geesteswetenschapper dat het nut van de humaniora er slechts in bestaat dat ze geen nut heeft. Wat is hier gebeurd? Om deze vraag te kunnen beantwoorden zal ik reconstrueren wat er sinds de dagen van Vossius met de studia humaniora en haar maatschappelijke positie heeft plaatsgevonden. Ik zal betogen dat de introductie van Dilthey’s Geisteswissenschaft aan het eind van de 19e eeuw – hoe veelbetekenend ook – de positie van de humaniora geen goed heeft gedaan. Aangekomen bij de 21e eeuw zal ik enige nieuwe richtingen schetsen die de ideeën van Vossius en Barlaeus op verrassende wijze hebben doen herleven.

donderdag 6 december 2012

De grillige geschiedenis van de vertaalcomputer

Onlangs heb ik in het NOS journaal uitgelegd welke grammaticale fouten vertaalcomputers nog steeds maken sinds hun introductie in de jaren '50, en waarom. Hoewel er in het afgelopen decennium een enorme vooruitgang heeft plaatsgevonden in het automatisch vertalen, is dit vooral te danken aan de toename van zogeheten parallelle corpora van meerdere talen. Nog steeds werken vrijwel alle beschikbare vertaalcomputers aan de hand van (min of meer) vaste vertalingen van woordsequenties die worden gevonden in zulke parallelle corpora. Zogauw er 'gaten' oftewel discontigue afhankelijkheden bestaan tussen woorden in een zin, dan gaat Google Translate alsook de recente vertaalcomputer van Microsoft in de fout. Eenvoudige zinnen zoals "Kees eet een appel en Piet een peer" worden dan ook standaard verkeerd vertaald, bv als "Kees eat an apple and a pear Piet" in Google Translate. Zelfs met een zinnetje als "De hond op de heuvel blaft" gaat het al mis. Dit geldt overigens niet voor vertaalprogramma's die wel discontigue afhankelijkheden (of 'gaten') kunnen meenemen, zoals deze in mijn eigen groep worden gebouwd. Maar doordat de zoekruimte van deze programma's explosief toeneemt met de lengte van de te vertalen zin, werken ze nog te traag om commercieel toepasbaar te zijn. Maar wat nog niet is, zal komen! Zie hier voor een link naar het betreffende NOS journaal.

dinsdag 4 december 2012

'Wat te lezen?' De Vergeten Wetenschappen!

De Vergeten Wetenschappen wordt aangeraden in de bijlage van De Groene Amsterdammer van 28 november: 'Wat te lezen?'. Ook is er een mooie recensie van het boek te vinden.

Klik hier voor de bijlage.

maandag 19 november 2012

Weblog Engelse vertaling van De Vergeten Wetenschappen is online

De Engelse uitgebreide vertaling van De Vergeten Wetenschappen verschijnt in 2013 bij Oxford University Press. Het weblog van dit boek is nu online: http://historyofthehumanities.wordpress.com/

maandag 12 november 2012

De Taalcanon is Online

In tegenstelling tot de geschiedenis van de meeste geesteswetenschappen, wordt de geschiedenis van de taalkunde al vele decennia beoefend -- met eigen conferenties en tijdschriften. Vandaag verschijnt bij uitgeverij Meulenhoff een boek met de veelzeggende titel "Alles wat je altijd al had willen weten over taal: de taalcanon" van Marianne Boogaard en Mathilde Jansen (red.). De ondertitel "taalcanon" is niets teveel gezegd: maar liefst 53 auteurs zijn bijeengebracht die tesamen vrijwel alle aspecten van de taalkunde behandelen. Hierbij is de geschiedenis van de taalkunde niet vergeten!

Ondertussen is de Taalcanon ook volledig online.
Zelf heb ik er ook een paar stukjes aan mogen bijdragen.

maandag 5 november 2012

Humanities in Tilburg pakt groots uit

De jonge School of Humanities aan de Universiteit van Tilburg viert haar eerste lustrum en pakt groots uit op 6 en 7 november met een overweldigend programma aan sprekers: George Steiner, Paul Scheffer, Arnon Grunberg, Frits van Oostrom en vele anderen.

Klik hier voor het programma, en vier het feest der geesteswetenschappen!

dinsdag 30 oktober 2012

Een "Alfa-Ontdekking" van Eigen Bodem

In mijn dagelijkse onderzoek houd ik mij gewoonlijk niet bezig met de geschiedenis van de geesteswetenschappen, maar met de (computationele) taalkunde en musicologie. Al geef ik toe dat ik 's nachts, als de boel naar bed is, mij weer volledig overgeef aan mijn historische hartstochten.

Voor wie wil weten wat ik overdag zoal doe, ziehier een persbericht over een recent artikel dat deels uit mijn eigen onderzoeksgroep komt, met als belangrijkste resultaat dat de opbouw van taal veel minder complex blijkt dan lange tijd werd gedacht. Onze stelling is dat, in tegenstelling tot wat door taalwetenschappers wordt beweerd, hierarchische taalstructuur alleen door mensen wordt gebezigd als ze er met veel eenvoudigere sequentiele structuur niet uitkomen -- en dat is vrijwel nooit het geval! Ons paper heeft ondertussen flink wat reuring teweeg gebracht:

Reactie van Marc van Oostendorp
Reactie van jmsteixner
Reactie van Norbert Hornstein
Of zoek hier naar andere reacties.

maandag 22 oktober 2012

Mijn lezing over De Geesteswetenschappelijke Paradox is nu online

Mijn lezing over de toekomst van geesteswetenschappen en de opkomst van Digital Humanities (17 oktober, Singelkerk) is nu online.

Samenvatting: Terwijl de geesteswetenschappen in de Lage Landen er beter voor staan dan ooit, blijkt hun bestaansrecht steeds opnieuw te moeten worden verdedigd. Welke waarden kennen we toe aan de geesteswetenschappen in tijden van valorisatie en topsectorenbeleid? En wat zou het antwoord van geesteswetenschappers hierop kunnen c.q. moeten zijn?

Klik hier voor de powerpoint-file van mijn lezing.

zaterdag 13 oktober 2012

Peking University Press vertaalt De Vergeten Wetenschappen

De Vergeten Wetenschappen wordt vertaald in het Chinees en zal verschijnen bij Peking University Press. Net als in andere landen bestaat in China nog geen historisch overzicht van de humanities. Mijn boek De Vergeten Wetenschappen behandelt onder meer de geschiedenis van de Chinese taalkunde, retorica, logica, geschiedkunde, poetica, muziekwetenschappen, kunsttheorie en filologie, en vergelijkt deze met de geesteswetenschappen uit andere regio's. Chinese uitgevers richten zich overigens steeds meer op westerse non-fictie, waarbij opvallend veel Nederlandse boeken worden vertaald.

Verleden jaar heb ik al eens een lezing gegeven over de impact van de Chinese geesteswetenschappen, die hier kan worden bekeken.

woensdag 10 oktober 2012

Vers van de Pers: The Making of the Humanities, Deel II

Zojuist is onze bundel "The Making of the Humanities, Deel II" verschenen bij Amsterdam University Press. De artikelen in de bundel gaan in op de overgang van de vroegmoderne naar de moderne geesteswetenschappen. Was dit een tijd waarin er een revolutie plaatsvond in de humaniora? Of werden de vroegmoderne geesteswetenschappen vooral gesystematiseerd en geinstitutionaliseerd in de vorm van universitaire disciplines met hun eigen methoden? Deze bundel geeft een vergelijkend overzicht van de geesteswetenschappen tussen 1700 en 1900, van filosofie tot taalkunde, van geschiedkunde tot musicologie en van literatuurwetenschap tot kunstgeschiedenis.

Voor meer informatie, ziehier de website van onze bundel.

donderdag 4 oktober 2012

De Vergeten Wetenschappen bij "De 25 boeken over wetenschap die je gelezen móet hebben"

Een maand geleden vroeg NRC Handelsblad aan zijn lezers welke Nederlandstalige boeken over wetenschap men gelezen móet hebben. De wetenschapsredactie had deze zomer al veertig boeken geselecteerd. En alle boeken die men over het hoofd had gezien, brachten de lezers alsnog onder de aandacht. Na lang wikken en wegen bracht de redactie de lijst terug tot 25 boeken.

Klik hier voor de volledige lijst.

Klik hier voor een college over mijn boek.

zondag 30 september 2012

Lezing John Pickstone over Ways of Knowing in the Humanities


Op 1 oktober geeft Prof. John Pickstone een lezing met als titel:

CAN ‘WAYS OF KNOWING’ HELP US INCLUDE THE ARTS AND HUMANITIES IN A WIDER HISTORY OF WESTERN KNOWLEDGE PRACTICES?



Date and time: Monday 1 October 2012, 17.00-18.30
Place: Bungehuis , room 0.04, Spuistraat 210, Amsterdam

John Pickstone will outline his present views on Ways of Knowing (WoK) and Working (WoW) as a means of analysing and synthesising across the histories commonly presented as Science, Technology and Medicine. He will then open discussion around 5 questions:

A) Does the WoK/WoW schema also reasonably cover the humanities, before ‘c. 1800’, e.g. by putting the verbal Trivium alongside the mathematical Quadrivium?

B) Does the Wok/WoW frame help us understand the actors’ views of the humanities, pre 1800, especially in relation to philosophy?

C) How do these questions relate to the relations of ‘sciences’ and ‘arts’ pre c. 1800?

D) How then did the relevant configurations change c 1800? ( i.e. c. 1770-1830)

E) How do these questions relate to the relations of ‘sciences’ and ‘humanities’ in the 20th century?

John Pickstone is Emeritus Professor of the History of Science Technology & Medicine at the University of Manchester. Among his many publications are: “The disunities of representation", British Journal of the History of Science, December 2009; (with J. Anderson & F. Neary), Surgeons, Manufacturers and Patients: a transatlantic history of total hip replacement, (Palgrave, 2007); and Ways of Knowing – towards a historical sociology of science, technology & medicine (Chicago University Press, 2001).

vrijdag 14 september 2012

20 september: Discussie over relatie geschiedenis en filosofie van de geesteswetenschappen

Waarom is de geschiedenis van de geesteswetenschappen relevant voor de (wetenschaps)filosofie van de geesteswetenschappen? De filosofie kan men zien als wijsheid vooraf en de geschiedschrijving als wijsheid achteraf. Zaten sommige wetenschapsfilosofen er naast met hun denkbeelden over wat de geesteswetenschap vermag? Of is er een wezenlijk complexere wisselwerking denkbaar tussen de filosofie en de geschiedschrijving van de wetenschappen? Michiel Leezenberg, Rens Bod en Ger Groot zullen reflecteren op dit onderwerp en met elkaar en de zaal in discussie gaan op SPUI25.

Klik hier voor meer informatie en aanmelden.

zaterdag 8 september 2012

Chinese belangstelling voor De Vergeten Wetenschappen

Nederlandse non-fictie, waaronder De Vergeten Wetenschappen, is populair in China. Zo is gebleken op de Pekingse boekenbeurs waar het Nederlands Letterenfonds de beste fictie en non-fictie uit Nederland aan de man heeft gebracht. Lees hier het relaas van Pieter Steinz.

"De twee mooist uitgegeven folianten, Het boek van het gedrukte boek van Mathieu Lommen en De atlas van astronomische ontdekkingen van Govert Schilling, zijn op zondag, de laatste dag van de beurs, zo goed als verkocht, net als Het puberende brein van Eveline Crone en De vergeten wetenschappen van Rens Bod."

zondag 26 augustus 2012

Derde internationale conferentie over de geschiedenis van de geesteswetenschappen

Voor degenen die geen genoeg kunnen krijgen van de geschiedenis van de geesteswetenschap-pen: van 1 tot en 3 november 2012 vindt in Rome de derde internationale conferentie over de geschiedenis van de geesteswetenschap-pen plaats, met vijf keynote speakers en meer dan vijftig reguliere sprekers. Alle deelgebieden van de humaniora komen aan bod, inclusief de relatie met de natuur- en sociale wetenschappen.

Het programma van de conferentie is hier down te loaden.

zaterdag 30 juni 2012

De Rijkdom van de Geesteswetenschappen

Soms vraag ik me af of universitaire bestuurders zich wel bewust zijn van de rijkdom die ze in huis hebben met de geesteswetenschappen. In plaats van te investeren in deze bloeiende tak van wetenschap, die ook nog eens maatschappelijk en economisch relevant is, worden de geesteswetenschappen door veel universiteiten steeds verder gemarginaliseerd. Er zijn weliswaar ook positieve signalen, zoals de enorme investering door de KNAW in de geesteswetenschappen en de opkomst van de digital humanities met indrukwekkende toepassingen. Maar sommige besluiten van universitaire bestuurders zijn voor mij onbegrijpelijk, zoals beschreven in het voortreffelijke artikel van Jaap Maat dat eerder verscheen in Het Parool. Treffender kan het niet, droeviger evenmin...

zaterdag 23 juni 2012

Samenwerking in de Geesteswetenschappen: Hoe staat het met de Oudheidkunde?

Samenwerking in de geesteswetenschappen is nog steeds ver te zoeken, alle oproepen ten spijt. Schokkender is het dat zelfs binnen een vakgebied weinig samenwerking valt te bespeuren, zo stelt Jona Lendering vast op zijn weblog over de Oudheidkunde:

"Hoewel er maar één Oudheid is, die alleen te kennen valt door ál het bewijsmateriaal te bekijken, identificeren de onderzoekers zich met hun beperking – ze zijn archeoloog, ze zijn classicus. Ze voelen zich al onwennig als ze worden aangesproken als oudheidkundige. Ze aanspreken als geesteswetenschapper, laat staan als wetenschapper, is, naar ik vrees, te hoog gegrepen."

Lenderings constatering, die hij overtuigend heeft uitgewerkt in De Klad in de Klassieken, lijkt symptomatisch voor de geesteswetenschappen. Terwijl ik in De Vergeten Wetenschappen laat zien dat er ontzettend veel valt te winnen met een overkoepelende benadering, zijn er nog vele disciplinaire muren te slechten. Toch is er hoop gezien de belangstelling voor colleges als Keerpunten in de Geesteswetenschappen, en het overkoepelende Honoursprogramma Geesteswetenschappen dat de Digital Humanities centraal stelt.


dinsdag 5 juni 2012

Ceci n'est pas un livre

Er zwerven twee verschillende boekomslagen van "De Vergeten Wetenschappen" rond op internet. Eén is echt, de andere is nep. Het hiernaast afgebeelde boek bestaat niet. Ik vond het lange tijd niet de moeite van het vermelden waard, totdat er een misverstand over ontstond.

Lees hier het relaas van Bert Zeeman: "Boekomslagen, echte en minder echte".

Over de nuttigheidsgekte in de geesteswetenschappen

Lees het mooie en scherpe stuk van Cyrille Offermans over de nuttigheidsgekte in de geesteswetenschappen in het maandblad Zuiderlucht. Mij spreken natuurlijk de "niet-beoogde maar uiterst welkome gevolgen" van de geesteswetenschappen het meest aan.

Offerman's stuk is hier te downloaden.

vrijdag 11 mei 2012

Vierde druk van De Vergeten Wetenschappen verschenen!

Zojuist is de vierde druk van de persen gerold. Ondertussen wordt De Vergeten Wetenschappen in 5 talen vertaald. De Engelse herziene en uitgebreide versie zal verschijnen bij Oxford University Press. Voor meer informatie over de vierde druk, klik hier.

dinsdag 8 mei 2012

Geesteswetenschappers optimistisch over toekomst van hun vakgebied

Van 12 t/m 14 april jl. troffen zo'n 70 geesteswetenschappers van verschillende universiteiten elkaar in Utrecht voor de workshop ‘Niet alleen voor de geest. Perspectieven voor de geesteswetenschappen’. Zij discussieerden over onderwerpen als het ‘nut’ van de geesteswetenschappen, valorisatie, het belang van de geschiedenis, en de relatie tussen de geesteswetenschappen en andere wetenschappen. Klik hier voor een verslag van de workshop.

dinsdag 17 april 2012

Collegedag "Keerpunten in de Geesteswetenschappen" nu online!


De college- en discussiedag "Keerpunten in de Geesteswetenschappen" (13 april 2012) over de grote ontdekkingen in de geesteswetenschappen is nu online te bekijken.

Klik hier voor deel I.
Klik hier voor deel II.

De bijeenkomst bestond uit colleges door prof. dr. Rens Bod, prof. dr. Floris Cohen, dr. Michiel Leezenberg; en een forumdiscussie met prof. dr. Frits Oosterom, prof. dr. Abram de Swaan, prof. dr. Irene Zwiep, onder leiding van prof. dr. Jan Willem van Henten.

zaterdag 14 april 2012

Ook de New York Times schrijft over de teloorgang van Nederlandse taalstudies


Dat vele geesteswetenschappen, vooral taalstudies, aan de Nederlandse universiteiten verdwijnen dan wel worden samengevoegd, is ook in het buitenland niet onopgemerkt gebleven. Zie hier een artikel uit de New York Times.

woensdag 11 april 2012

donderdag 5 april 2012

De Geesteswetenschappen maken hun grootste crisis sinds eeuwen door


Lees het interview met Rens Bod in de Volkskrant van 5 april 2012: "De Geesteswetenschappen maken hun grootste crisis sinds eeuwen door, stelt Rens Bod. En hij kan het weten als auteur van het enige historisch overzicht van de humaniora."

Klik hier voor het volledige artikel

dinsdag 3 april 2012

Onrust in de Geesteswetenschappen


Op 3 maart j.l. luidde Rens Bod in een voorpaginastuk in NRC Handelsblad de noodklok voor de alfastudies in Nederland: ‘De afgelopen maand is de geesteswetenschappelijke wereld opgeschrikt door een aantal desastreuze plannen van Nederlandse universiteiten. Portugees, Roemeens, alsook andere geesteswetenschappen zullen van de Nederlandse aardbodem verdwijnen.’

Nederlandse universiteiten schrappen in totaal een dertigtal studies uit het curriculum. De universiteit van Leiden wil de opleidingen Frans, Duits en Italiaans laten opgaan in een nieuwe, breed opgezette, opleiding Taal, Cultuur & Media. Als de opleiding Portugees aan de universiteit van Utrecht verdwijnt, zal deze taal aan geen enkele Nederlandse universiteit meer gestudeerd kunnen worden. Hetzelfde geldt voor het Roemeens aan de Universiteit van Amsterdam. Dit alles is het gevolg van de vorig jaar verschenen strategische agenda van staatsecretaris Zijlstra waarin hij eist dat universiteiten zich meer profileren ten opzichte van elkaar. Niet elke instelling moet alle vakken willen geven. Vóór 5 mei wil de staatssecretaris weten met welke disciplines de universiteiten zich gaan profileren. Voorlopig lijkt het erop dat vooral de kleine vakken uit geesteswetenschappelijke hoek, talenstudies die weinig studenten trekken, het eerste slachtoffer worden van de verlangde profilering.

Op 17 april geeft SPUI25 het woord aan de belangrijkste decisionmakers in het domein van de geesteswetenschappen in de academische wereld: Wiljan van den Akker, Wim van den Doel en Frank van Vree, decaan geesteswetenschappen aan respectievelijk de Universiteit van Utrecht, van Leiden en van Amsterdam. Wat is hun antwoord op de voorgenomen maatregelen van de minister? Hoe leggen zij de voorgenomen keuzes uit? Hoe gaan ze om met de kritiek die is gerezen?

Met medewerking van Rens Bod, hoogleraar Computational and digital humanities, en Maarten Asscher, schrijver en directeur van Athenaeum Boekhandel, die beide een column zullen uitspreken.
Ook Leo van Ruijven, lid van het regie orgaan geesteswetenschappen, zal zijn visie geven.

Voor meer informatie over het programma, klik hier.

zaterdag 10 maart 2012

Laat alle kamerleden De Vergeten Wetenschappen lezen!

Misschien is er hoop voor de universitaire geesteswetenschappen als kamerleden kennis nemen van De Vergeten Wetenschappen. Onderzoekers van de Universiteit Utrecht geven in elk geval het goede voorbeeld -- lees hier verder!

donderdag 8 maart 2012

"Crisis? Wat voor crisis?" Lees Jaap Graves bespreking van De Vergeten Wetenschappen


Jaap Grave publiceerde een interdisciplinaire bespreking van De Vergeten Wetenschappen in het Tijdschrift voor Nederlandse Taal- & Letterkunde, waarbij hij mijn boek vergelijkt met het werk van onder meer Morris Berman, Martha Nussbaum, Walter Erhard, Francis Fukuyama en Dipesh Chakrabarty.

Lees zijn artikel hier.

dinsdag 6 maart 2012

Discussie over mijn NRC opinieartikel "Zo verdwijnt de alfa uit de universiteit"

Mijn NRC opinieartikel van 3 maart jl., "Zo verdwijnt de alfa uit de universiteit", is vandaag (19.00u) op het collectieve weblog Sargasso.nl geplaatst. Volg hier de discussie!

zondag 4 maart 2012

Opinieartikel NRC: "Zo verdwijnt de alfa uit de universiteit"

Op 3 maart publiceerde ik een opinieartikel in het NRC Handelsblad met de titel "Zo verdwijnt de alfa uit de universiteit" (Opinie & Debat, pagina's 1-3). Aangezien het NRC dit artikel niet online heeft gezet, volgt het hier alsnog in gewone tekst. U kunt het artikel ook in krantformaat downloaden via de volgende twee files: p.1 en pp.2-3.


Zo verdwijnt de alfa uit de universiteit

[De geesteswetenschappen in Nederland zijn booming. Bij internationale rankings doen de alfafaculteiten het beter dan alle andere faculteiten. Bij de laatste internationale THES ranking staan bij Arts & Humanities zowel de alfafaculteit van de UvA (30), als van de Universiteit Leiden (35) en van de Universiteit Utrecht (45) in de top 50. In geen enkele andere disciplinaire ranking van THES komt een Nederlandse faculteit voor, behalve TU Delft op plaats 33 bij Engineering & Technology. Ondanks dit uitzonderlijke resultaat worden vele geesteswetenschappelijke opleidingen met opheffing bedreigd. Wat is hier aan de hand?]

De afgelopen maand is de geesteswetenschappelijke wereld opgeschrikt door een aantal desastreuze plannen van Nederlandse universiteiten. Portugees, Roemeens, alsook andere geesteswetenschappen zullen van de Nederlandse aardbodem verdwijnen. Zo zal aan geen enkele Nederlandse universiteit nog Portugees als studie worden aangeboden. De zo rijke Portugese literatuur en taal zullen een gesloten boek blijven voor nieuwe generaties studenten. Het oude indrukwekkende Portugese wereldrijk met zijn vele ontdekkingsreizen en eerste geglobaliseerde cultuur, zal onbestudeerd blijven in Nederland. En dat terwijl het Portugees van groot belang is voor Brazilië, waar Nederland topexporteur is. Of vindt men stuntelig Engels economischer? Ook andere geesteswetenschappen blijven niet buiten schot. Zo heeft de Universiteit Leiden het plan opgevat om Frans, Duits en Italiaans op te heffen en te laten opgaan in een brede bachelor Taal, Cultuur en Mediastudies. Dit betekent de facto het einde van deze talenstudies in Leiden. De succesvolle praktijk om talenstudenten vanaf dag één in de taal zelf te doceren maakte de Nederlandse universitaire talenstudies tot de beste ter wereld. Bij een algemene opleiding is deze praktijk niet langer vol te houden en verworden deze opleidingen tot middelmatige talenstudies die niet uitstijgen boven het niveau van een cursus Frans aan een volksuniversiteit.

Verandering roept altijd weerstand op, en een verarming ter linkerzijde kan natuurlijk een verrijking zijn ter rechterzijde. Is het niet fantastisch dat studenten eindelijk afzonderlijke vakgebieden kunnen overstijgen en kennis kunnen nemen van meerdere geesteswetenschappen tegelijkertijd? Deze tijd vraagt toch om generalisten in plaats van specialisten? Ik zal de eerste zijn die het belang van een overkoepelend overzicht van de humaniora onderkent. Kennis van alle geesteswetenschappen, dat is van de taalkunde, de musicologie, literatuurwetenschap, theaterwetenschap, kunstgeschiedenis, archeologie, mediastudies, cultuurwetenschap, religiestudies, wijsbegeerte en historische wetenschappen, is zeer aanbevelenswaardig, al was het maar om de student buiten haar of zijn vakgebied te laten kijken. Op de middelbare school wordt al sinds jaar en dag met succes het vak Algemene Natuurwetenschappen (ANW) aangeboden. Het is de hoogste tijd voor Algemene Geesteswetenschappen. Echter, algemene kennis parasiteert per definitie op specialistische kennis. Uiteindelijk kan een vakgebied alleen tot bloei komen bij de gratie van specialisten, die op hun beurt nieuwe specialisten moeten opleiden. Generalisten zijn broodnodig, maar ze kunnen niet zonder specialisten.

Maar laten we realistisch zijn: het is duidelijk dat niet alle afzonderlijke opleidingen aan alle universiteiten zijn te handhaven. Een slimme uitruil is daarom niet per definitie fout. Hoewel universiteiten onder druk van staatssecretaris Halbe Zijlstra zich steeds meer moeten specialiseren, is Nederland groot genoeg om elke geesteswetenschap aan tenminste één van haar universiteiten te behouden. Niettemin verdwijnen nu vakgebieden definitief uit het academische landschap. Wat is hier aan de hand?

Het probleem bij de geesteswetenschappen ligt dieper. Keer op keer wordt ons voorgehouden dat de Nederlandse economie schreeuwt om bèta’s en ingenieurs, niet om taalkundigen en historici. Wat is het economische of technologische nut van de geesteswetenschap, zo wordt telkens weer geopperd. Een geesteswetenschap meer of minder, daar zal niemand van wakker liggen, laat staan dat onze economie er iets van zal merken, zo redeneert men. Het nut van die andere wetenschappen is blijkbaar voor iedereen duidelijk. Het is echter een groot misverstand te denken dat alleen de bètawetenschappen zouden bijdragen aan het economische en technologische belang. Zeker, sommige wetenschappen lenen zich per definitie voor technologische toepassingen. De technische wetenschappen zijn hier een sprekend voorbeeld van. Maar denk niet dat wetenschappen als natuurkunde, sterrenkunde of biologie een vanzelfsprekende technologische of economische relevantie hebben. Wat natuur- en sterrenkundigen ons over het algemeen voorhouden is dat de geschiedenis laat zien dat hun ontdekkingen en inzichten keer op keer hebben geleid tot indrukwekkende toepassingen met technologische en economische relevantie. Dat sommige van diezelfde natuur- en sterrenkundigen hun hele leven niets anders doen dan het zoeken naar de fundamentele aard der materie of naar heelalmodellen wordt in het midden gelaten. Geschiedenis laat immers zien dat zuiver wetenschappelijk onderzoek... Inderdaad, maar deze gedachtelijn valt moeiteloos door te trekken naar al het zuiver wetenschappelijk onderzoek – zelfs in de meest specialistische geesteswetenschappen. Het is dan ook een raadsel waarom geesteswetenschappers hun vakgebied niet verdedigen zoals natuurwetenschappers dit doen. Een blik op de geesteswetenschappelijke geschiedenis laat namelijk zien dat alfa-inzichten uit het verleden een scala aan toepassingen hebben voortgebracht in het heden.

Laat ik twee voorbeelden geven. Neem het ontstaan van de informatie- en communicatietechnologie. Niet bepaald een geesteswetenschappelijk product zou men denken. Fout! Het is mede een geesteswetenschappelijk vakgebied geweest dat de ICT heeft mogelijk gemaakt. Dit vakgebied is de theoretische taalkunde. De eerste hogere programmeertalen zijn namelijk gemodelleerd op de formele grammatica’s die voor menselijke talen zijn bedacht in de jaren vijftig van de 20e eeuw. Het bleek dat deze grammatica’s uiteindelijk beter toepasbaar waren op computertalen dan op menselijke talen. Het is een prachtige en totaal onverwachte toepassing van een zuiver stukje geesteswetenschappelijk onderzoek: het proberen te ontrafelen van de onderliggende structuur van taal. En zo kon het gebeuren dat de typische geesteswetenschappelijke notie van ‘grammatica’ terecht is gekomen in de informatica en dat dit vakgebied een impuls kreeg van jewelste, met de latere internetrevolutie als gevolg. Men zou verwachten dat taalkundigen deze imponerende maar volstrekt onvoorspelbare kennisbenutting van hun vakgebied wijd en breed uitmeten. Maar niets is minder waar: de meeste taalkundigen kennen de toepassing niet eens, al staat ze in elke geschiedenis van de informatica.

Of neem de uitvinding van historische bronnenkritiek. Elke geschiedenisstudent begint met het leren van het kritiseren van historische bronnen: hoe ziet een bron er uit, hoe kan deze worden gesitueerd in tijd en ruimte? Nadat een bron is gedateerd en liefst ook gelokaliseerd, wordt getoetst of de inhoud kan overeenstemmen met de historische werkelijkheid. Is de bron authentiek, of wellicht vervalst? Is ze consistent en coherent met ware bronnen? En hoe verhouden de mondelinge, geschreven en materiële bronnen uit de betreffende periode zich tot elkaar? Hoe belangrijk en toepasbaar bronnenkritiek is blijkt ondermeer uit de studie naar de val van Srebrenica door het NIOD. In 1996 gaf de Nederlandse regering opdracht tot deze studie waarvoor vele schriftelijke, mondelinge en materiële bronnen moesten worden onderzocht en vergeleken, inderdaad aan de hand van bronnenkritiek. De resultaten van dit onderzoek leidden tot de conclusie dat de Nederlandse regering verantwoordelijk was voor de val van Srebrenica en de daarop volgende massamoord. Zes dagen later viel het kabinet Kok II over het Srebrenica-drama. Het toont de immense impact van de geschiedvorsing. De geesteswetenschappen doen weliswaar geen bruggen instorten, zoals een zichzelf bekritiserende geesteswetenschapper ooit aanvoerde, maar wel kabinetten. Naast politieke waarheidsvinding, wordt de bronnenkritiek ook veelvuldig ingezet in rechtspraak.

Ik zou gemakkelijk door kunnen gaan met vele andere voorbeelden van onvoorspelbare toepassingen van de geesteswetenschappen -- uit de muziekwetenschap, de literatuurwetenschap en zelfs de televisiewetenschappen. Beleid valt er niet voor te maken, of het moet zijn dat toepassingen van wetenschappelijk onderzoek onmogelijk van tevoren zijn te voorspellen, en dat het beste onderzoek – alfa, bèta en gamma – daarom zonder enige reserve moet worden gestimuleerd, om ons telkens opnieuw te laten verrassen.

Dit zou het verhaal moeten zijn tegen de opheffing van welk geesteswetenschappelijk vakgebied dan ook in het Nederlandse academische landschap. Maar dit verhaal wordt niet verteld. Geesteswetenschappers lijken zich te beperken tot een bijna mantra-achtige herhaling dat hun vakgebied belangrijk is voor de ontwikkeling van een kritische geest, voor democratisch besef, of voor historisch bewustzijn. Dit is allemaal waar, en het kan misschien niet vaak genoeg herhaald worden, maar waarom vergeet men steeds die indrukwekkende maatschappelijke en technologische toepassingen te vermelden? Blijkbaar zijn geesteswetenschappers doodgegooid met het standpunt – dat zij met de paplepel krijgen ingegoten -- dat zij zich moeten bezighouden met interpreteren en problematiseren, en niet met ontdekken of modelleren. De praktijk blijkt gelukkig anders uit te pakken, ten voordele van de geesteswetenschappen. Maar die moeten dat voordeel wel grijpen.

Zijn de geesteswetenschappen nog wel in goede handen bij de Nederlandse universiteiten? Deze vraag klinkt bijna als een contradictie, of anders wel als vloeken in de kerk. Toch gebiedt eerlijkheid mij deze vraag niet vanzelfsprekend positief te beantwoorden. Immers, universiteiten verdedigen hun grote geesteswetenschappelijke doorbraken en ontdekkingen niet. En ze garanderen evenmin het voortbestaan van geesteswetenschappelijke vakgebieden in Nederland. Natuurlijk kan een deel van de problemen op het conto van het kabinetsbeleid worden geschreven dat streeft naar almaar verdergaande concentratie en profilering aan de hand van zogeheten topsectoren. Maar de universiteiten, verenigd in de VSNU, dragen zelf ook een grote verantwoordelijkheid om hun academische erfgoed niet te verkwanselen. Hoe kan dit beter?

Als een deus ex machina blijken grote softwarebedrijven recentelijk ineens een enorme interesse ten toon te spreiden voor de geesteswetenschappen. Voor hen bieden die complexe ongrijpbare, fuzzy geesteswetenschappelijke documenten zoals middeleeuwse manuscripten en andere eeuwenoude bronnen een schat aan informatie en een enorme uitdaging die zij omschrijven als “the next big thing”. We hebben het hier over bedrijven als Google en Microsoft, maar ook allerlei kleinere bedrijven in de creatieve industrie, die op zoek zijn naar methoden en instrumenten om geesteswetenschappelijke bronnen volledig te ontsluiten. Deze bedrijven doen niets liever dan samenwerken met Europese universiteiten en universiteitsbibliotheken omdat daar veel te halen valt. Deze deus ex machina kan echter een wolf in schaapskleren blijken als geesteswetenschappers hun materiaal zomaar weggeven. Terwijl de bètawetenschappen al jaren ervaring hebben met private partners, is zulk een praktijk voor geesteswetenschappers nieuw. Men ontkomt er echter niet aan. Geesteswetenschappers hebben zich zo lang afzijdig gehouden van technologie, dat er een enorme inhaalslag nodig en reeds gaande is. Het heeft zelfs geleid tot een nieuw vakgebied, de Digital Humanities of eHumanities, dat heeft geresulteerd in succesvolle publiek-private samenwerkingen in de geesteswetenschappen – van kunstgeschiedenis tot musicologie.

Biedt de private sector een oplossing voor bedreigde geesteswetenschappen? Voor een deel wel. Naast de ICT sector kunnen ook de creatieve industrie en de toeristenindustrie bijdragen aan investeringen in alfakennis, van de meest exotische talen tot de obscuurste historische vondsten. Het is verrassend te zien hoe de private sector geïnteresseerd is in vrijwel alle geesteswetenschappelijke artefacten, van muziek tot kunst, van taal tot tekst, en van theater tot literatuur. Het liefst werkt men rechtstreeks samen met bijvoorbeeld een kunsthistoricus om een toeristische app te maken voor bezoekers van de grachtengordel. Of deze kunsthistoricus dan wel even zijn volledige database waaraan decennia is gewerkt beschikbaar wil maken? Hier is een wereld te winnen, mits zorgvuldig met intellectueel eigendom en de exploitatie van resultaten wordt omgesprongen. Behaalde winsten moeten (deels) weer terugvloeien naar de geesteswetenschappen zelf. Voor geesteswetenschappers is dit een cultuuromslag van jewelste. Maar het financieel belang voor zowel henzelf als de private ondernemingen is zo groot, dat een opbloeiing, ja een renaissance van de humaniora wel eens deels buiten de universiteiten zou kunnen plaatsvinden.

Des te meer moet men daarom de grootst mogelijke terughoudendheid betrachten in het voorbarig opheffen van vakgebieden. Hoezeer de private sector ook wil bijspringen in de valorisatie van geesteswetenschappelijk onderzoek, zij zal zich niet willen bezighouden met onderwijs. Het zijn de universiteiten die naast onderzoek verantwoordelijk blijven voor de opleiding van geesteswetenschappers. Maar dan dienen deze opleidingen wel blijven te bestaan, hoe marginaal een vakgebied ook lijkt te zijn. Zomaar een geesteswetenschap laten verdwijnen – en dan nog wel uit heel Nederland – is onverantwoord en uiterst riskant. Eerst moeten alle opties, in zowel het private als publieke domein, worden bekeken. In de context van de zojuist ontluikende publiek-private samenwerking is het hoe dan ook te vroeg voor welke opheffing van een geesteswetenschap dan ook.

Het geesteswetenschappelijke landschap zal nooit meer worden zoals het was – alle weemoed en geklaag ten spijt. Men kan maar beter zo snel mogelijk meegaan met de digitale golf van private interesse richting geesteswetenschappen -- zij het met de nodige voorzichtigheid. Het is duidelijk dat alfa’s de toekomst hebben, maar die moeten ze wel grijpen, anders wordt hun vakgebied, zoals een roemruchte filosoof ooit schreef, ‘a subject with a great past’.

Rens Bod is hoogleraar Computationele en Digitale Geesteswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam. Hij publiceerde in 2010 de eerste overkoepelende geschiedenis van de humaniora: “De Vergeten Wetenschappen” (Prometheus).